factograf
NL

Binomiale verdeling

Binomiale verdeling
All data from the card 3
Parameters
aantal pogingen (geheel) kans op succes (reëel)
Verdelingsfunctie
met de onvolledige bètafunctie.
Mediaan
een uit

In de kansrekening en de statistiek is de binomiale verdeling een discrete kansverdeling die de verdeling is van het aantal successen {\displaystyle X} in een reeks van {\displaystyle n} onafhankelijke alternatieven alle met succeskans {\displaystyle p}. Zo'n experiment wordt ook wel een bernoulli-experiment genoemd.

In het geval {\displaystyle n=1}, komt de binomiale verdeling overeen met de bernoulli-verdeling.

Definitie

In een reeks van {\displaystyle n} bernoulli-experimenten kunnen {\displaystyle 0,1,\ldots,n} successen voorkomen. Het aantal successen is een stochastische variabele {\displaystyle X}. Als {\displaystyle p} de kans op succes is, zegt men dat {\displaystyle X} binomiaal verdeeld is met parameters {\displaystyle n} en succeskans {\displaystyle p}, en noteert:

{\displaystyle X\sim B(n,p)},

of ook

{\displaystyle X\sim \mathrm {Bin} (n,p)}

De kans op precies {\displaystyle k} successen kan gemakkelijk berekend worden door te bedenken dat elke reeks uitkomsten met {\displaystyle k} successen en {\displaystyle n-k} mislukkingen dezelfde kans {\displaystyle p^{k}(1-p)^{n-k}} heeft. Omdat er {\displaystyle {\tbinom {n}{k}}} (zie binomiaalcoëfficiënt) verschillende reeksen zijn met precies {\displaystyle k} successen, wordt de kansfunctie voor {\displaystyle k=0,1,\ldots,n} gegeven door:

{\displaystyle f(k;n,p)=P(X=k)={\tbinom {n}{k}}p^{k}(1-p)^{n-k}}

Voorbeeld

We gooien 4 keer met een (eerlijke) dobbelsteen. We kunnen 0, 1, 2, 3 of 4 keer een 6 gooien. Het aantal keren dat we 6 gooien, {\displaystyle X}, is {\displaystyle B(4,1/6)}-verdeeld. Hoe groot is de kans dat we van de 4 worpen 1 keer een 6 gooien? Hier is {\displaystyle n=4,\ p=1/6} en {\displaystyle k=1}, dus:

{\displaystyle P(X=1)=f(1;4,{\tfrac {1}{6}})={\tbinom {4}{1}}({\tfrac {1}{6}})^{1}(1-{\tfrac {1}{6}})^{3}=4\times {\tfrac {1}{6}}\times {\tfrac {125}{216}}=0{,}386}

Momenten

De verwachtingswaarde en de variantie van een {\displaystyle B(n,p)}-verdeelde stochastische variabele {\displaystyle X} laten zich het eenvoudigst bepalen door {\displaystyle X} te schrijven als de som van {\displaystyle n} onafhankelijke, {\displaystyle B(1,p)}-verdeelde variabelen: {\displaystyle X=X_{1}+\ldots +X_{n}}. Dan volgt:

{\displaystyle EX=E(X_{1}+\ldots +X_{n})=nE(X_{1})=np}

en

{\displaystyle \operatorname {var} (X)=\operatorname {var} (X_{1}+\ldots +X_{n})=n\,\operatorname {var} (X_{1})=np(1-p)}.

De bovenstaande relaties kunnen ook afgeleid worden met behulp van berekeningen soortgelijk aan de volgende:

{\displaystyle EX(X-1)(X-2)=\sum _{k=0}^{n}k(k-1)(k-2){\frac {n!}{k!(n-k)!}}p^{k}(1-p)^{n-k}}
{\displaystyle =n(n-1)(n-2)p^{3}\sum _{k=3}^{n}{\frac {(n-3)!}{(k-3)!(n-k)!}}p^{k-3}(1-p)^{n-k}=n(n-1)(n-2)p^{3}}.

Uit deze betrekking kan het derde moment {\displaystyle EX^{3}} bepaald worden, en daarmee de scheefheid van de verdeling.

Ook volgt daaruit direct:

{\displaystyle EX=\sum _{k=0}^{n}k{\frac {n!}{k!(n-k)!}}p^{k}(1-p)^{n-k}=np}

en

{\displaystyle EX(X-1)=\sum _{k=0}^{n}k(k-1){\frac {n!}{k!(n-k)!}}p^{k}(1-p)^{n-k}=n(n-1)p^{2}}.

Uit deze laatste relatie volgt weer:

{\displaystyle EX^{2}=n(n-1)p^{2}+np},

zodat

{\displaystyle \operatorname {var} (X)=EX^{2}-(EX)^{2}=n(n-1)p^{2}+np-n^{2}p^{2}=np(1-p)}.

Benadering

Het is nogal bewerkelijk of bijna ondoenlijk om voor grote waarden van het aantal experimenten {\displaystyle n} de exacte kansen te berekenen. Dit is ook niet nodig omdat de binomiale verdeling voor grote {\displaystyle n} benaderd kan worden door een normale verdeling of door een Poissonverdeling.

Als vuistregel neemt men wel dat de {\displaystyle B(n,p)}-verdeling voor {\displaystyle n>25} goed benaderd kan worden door een geschikte normale verdeling, mits de succeskans {\displaystyle p} niet te klein of te groot is. Als vuistregel geldt: {\displaystyle np>5} en {\displaystyle n(1-p)>5}. Voor kleinere en grotere waarden van {\displaystyle p} is de binomiale verdeling te scheef om door de symmetrische normale verdeling goed benaderd te worden. Een benadering door een geschikte Poissonverdeling is dan mogelijk.

Normale benadering

De stochastische variabele {\displaystyle X} is {\displaystyle B(n,p)}-verdeeld. Voor toenemende {\displaystyle n} nadert de verdeling van {\displaystyle X} naar een normale verdeling, dus met verwachtingswaarde {\displaystyle EX=np} en variantie {\displaystyle \mathrm {var} (X)=np(1-p)}. Er geldt dus:

{\displaystyle P(X\leq k)\approx P(Y\leq k)=P\left(Z\leq {\frac {k-np}{\sqrt {np(1-p)}}}\right)}.

Daarin is {\displaystyle Y\ N(np,np(1-p))}-verdeeld en {\displaystyle Z} standaardnormaal verdeeld.

Omdat de binomiale verdeling een discrete verdeling is, geldt

{\displaystyle P(X\leq k)=P(X<k+1)\approx P(Y\leq k+1)},

hetgeen leidt tot twee (en meer) mogelijke benaderingen, die voor niet al te grote waarden van {\displaystyle n} nogal verschillen. Om dit probleem te ondervangen past men wel de zogenaamde continuïteitscorrectie toe, en neemt als betere benadering een waarde tussen de genoemde uitersten, en wel:

{\displaystyle P(X\leq k)=P(X<k+1)\approx P(Y\leq k+{\begin{matrix}{\frac {1}{2}}\end{matrix}})=P\left(Z\leq {\frac {k+{\begin{matrix}{\frac {1}{2}}\end{matrix}}-np}{\sqrt {np(1-p)}}}\right)}.

Voorbeeld

Hoe groot is de kans om in 25 worpen met een zuivere munt ten hoogste 10 keer kruis te gooien? Noem {\displaystyle X} het aantal keren kruis; {\displaystyle X} is dus {\displaystyle B(25,{\tfrac {1}{2}})}-verdeeld is. De gevraagde kans is:

{\displaystyle P(X\leq 10)=0{,}2122}.

Omdat {\displaystyle EX=np=12{,}5} en {\displaystyle \mathrm {var} (X)=np(1-p)=6{,}25}, kan deze kans benaderd worden met behulp van een {\displaystyle N(12{,}5;6{,}25)}-verdeling.

{\displaystyle P(X\leq 10)\approx P(Y\leq 10)=P\left(Z\leq {\frac {10-12{,}5}{\sqrt {6{,}25}}}\right)=P(Z<-1)=0{,}1587}.

Men kan ook berekenen:

{\displaystyle P(X<11)\approx P(Y<11)=P\left(Z\leq {\frac {11-12{,}5}{\sqrt {6{,}25}}}\right)=P(Z<-0{,}6)=0{,}2743}.

Dat zijn twee benaderingen die nogal uiteenlopen, maar waar de werkelijke waarde wel tussen ligt. Met de continuïteitscorrectie wordt de benadering:

{\displaystyle P(X\leq 10)\approx P(Y\leq 10{,}5)=P\left(Z\leq {\frac {10{,}5-12{,}5}{\sqrt {6{,}25}}}\right)=P(Z<-0{,}8)=0{,}2119}.

Poissonbenadering

Omdat de {\displaystyle B(n,p)}-verdeling voor toenemende {\displaystyle n} en constante waarde van {\displaystyle np=\mu } nadert naar de Poissonverdeling met parameter {\displaystyle \mu }, kan de {\displaystyle B(n,p)}-verdeling voor grote waarden van {\displaystyle n} en waarden van {\displaystyle p} in de buurt van 0 benaderd worden door een geschikte Poissonverdeling. In dat geval geldt dus: {\displaystyle X\sim B(n,p)}:

{\displaystyle P(X\leq k)\approx P(Y\leq k)}.

Daarin is {\displaystyle Y} Poissonverdeeld met parameter {\displaystyle np}.

Ook voor waarden van {\displaystyle p} in de buurt van 1 kan deze benadering gebruikt worden, zij het dat men niet de verdeling van {\displaystyle X} benadert, maar de verdeling van {\displaystyle n-X}, die {\displaystyle B(n,1-p)}-verdeeld is, dus met een kleine waarde van {\displaystyle Bp}.

Voorbeeld

Hoe groot is de kans om in 25 worpen met een zuivere dobbelsteen ten hoogste 2 keer 6 te gooien? Noem {\displaystyle X} het aantal keren 6. Dus {\displaystyle X} is {\displaystyle B(25,1/6)}-verdeeld. De gevraagde kans is:

{\displaystyle P(X\leq 2)=0{,}1887}.

Omdat {\displaystyle EX=np=25/6} kan we deze kans benaderd worden met behulp van een Poissonverdeling met parameter 25/6.

{\displaystyle P(X\leq 2)\approx P(Y\leq 2)=0{,}2147}.

Hoe groot is de kans om in 25 worpen met een zuivere dobbelsteen minstens 20 keer geen 6 te gooien? Noem {\displaystyle X} het aantal keren dat geen 6 gegooid wordt. {\displaystyle X} is dus {\displaystyle B(25,5/6)}-verdeeld. De gevraagde kans is:

{\displaystyle P(X\geq 20)=0{,}7720}.

Nu is {\displaystyle p} tamelijk groot, maar de vraag kan ook geformuleerd worden als de kans op ten hoogste 5 keer 6.

{\displaystyle P(X\geq 20)=P(25-X\leq 5)}.

En {\displaystyle 25-X} is weer {\displaystyle B(25,1/6)}-verdeeld, dus:

{\displaystyle P(X\geq 20)=P(25-X\leq 5)\approx P(Y\leq 5)=0{,}7586}.

Read next

In 54 languages

Text from Wikipedia, CC BY-SA 4.0 · Source article